Herman Strategier 1912-1988. Componist in hart en ziel.

6 september 2017

Bij ons thuis werd er in de jaren 60, na de zondagse mis, 'gefrühshopt'. Onder het genot van wijn, soep en broodjes werd een beschouwend gesprek gevoerd over maatschappelijke ontwikkelingen en de politiek. Mijn oom Hendrik was er ook bij en daarmee stonden de ontwikkelingen in de kerkmuziek hoog op de agenda. De componisten Strategier, Diepenbrock, Badings en dirigent Mengelberg waren vaak onderwerp van gefluisterde emotie. Niet zomaar, er was iets, dat voelde ik. Vanwaar anders die geheimzinigheid?
In alle jaren daarna blijven mijn ouders Herman Strategier in ere houden en heb ik zelf levendige herinneringen aan zijn muziek. 

Herman Strategier
Herman Strategier is een van de moderne Nederlandse katholieke componisten wiens leven zich bijna over de gehele 20ste eeuw heeft afgespeeld. Bij zijn dood in 1988 laat hij een groot oeuvre na met liturgische muziek in Latijn en Nederlands, werken voor orkest, kamermuziek, vocaal en instrumentaal, orgelmuziek, volksliederen en composities op gedichten.
Zijn muziek is nog steeds te bestellen bij uitgeverij Donemus.

Bij zijn afscheid van het instituut voor muziekwetenschap spreekt Strategier de volgende woorden:

Gelukkig heb ik altijd vanuit een moeilijk te stuiten innerlijke drang kunnen componeren, opdracht of geen opdracht. En opdrachten voor ongewone bezettingen of instrumenten heb ik ervaren als een uitdaging. Ik meen te mogen zeggen dat ik ook in mijn componeren mijzelf gebleven ben en dat vergt menigmaal meer moed dan revolutionair componeren. De tijd zal wel leren of er enige blijvende waarde in mijn werk schuilt.pagina 65

Deze laatste woorden van Strategier dagen mij uit. Heeft de tijd inderdaad geleerd dat het werk van waarde is? Ik vraag me af of en waar zijn composities nu nog uitgevoerd worden en welke plaats hij inneemt in de Nederlandse muziekgeschiedenis.
Maaike van Ooijen heeft een boeiende en toegankelijke biografie geschreven met als titel "Herman Strategier (1912-1988) het leven van een muzikant". Daarnaast is de website Strategier.nl een degelijke en overzichtelijke bron. De biografie Musique pour faire plaisir van twee leerlingen van Strategier, Nico Schrama en Stuifbergen, is uitgebreider dan de website en sluit er goed op aan.

Strategier de componist
Het componeren is een grote liefde van hem. Hij heeft allerlei opdrachtgevers en werkt met genoegen samen met amateurs. Hij wordt gewaardeerd en als hooggeschoold musicus en docent relativeert hij het belang van de muziektheorie en noemt zichzelf muzikant. Hij blijft trouw aan zichzelf en zijn Franse inspiratiebronnen waarvan Fauré de belangrijkste is. 

Het componeren is voor hem geen expressie van de innerlijke emotie zoals in de laat-Duitse muziekstijl van die tijd maar muziek als vormgegeven klank in de Franse moderne muziekstijl. 

Levensloop
Herman Strategier wordt op 10 augustus 1912 in Arnhem geboren. Zijn vader verdient de kost in een winkel en als organist van de St.-Walburgiskerk in Arnhem. Zoon Herman verricht hand- en spandiensten bij het orgel en groeit op met kerkmuziek.
Met het HBS-diploma op zak meldt Strategier zich aan bij de R.K. Kerkmuziekschool in Utrecht. De school is te vergelijken met een gespecialiseerd conservatorium. Er worden hoge eisen gesteld en er heerst een streng regime. Na zijn opleiding neemt Strategier aanvullende lessen bij zijn leraar van de muziekschool, Hendrik Andriessen. Zijn ambitie is te componeren in de Franse muziekstijl van Gabriel Fauré. 

Hevige strijd in het Interbellum 1918-1940
Ton Braas schrijft in het artikel Nederlandse Avant- Garde in het Interbellum.p.568-674 een verhelderend artikel over de muziekwereld waarin Strategier in de periode tussen de twee wereldoorlogen verkeert. 

Er heerst een heftige strijd tussen de aanhangers van de Duitse en van de Franse muziekstijl. Componist - recensent Matthijs Vermeulen voert de oppositie aan tegen het Duits georienteerde programmabeleid van Het Concertgebouw in Amsterdam. De conservatieve dirigent Mengelberg besteedt volgens Vermeulen onvoldoende aandacht aan de nieuwe Franse muziek en de jonge generatie Nederlandse componisten.
De protesten van Vermeulen en zijn volgers lopen uit een conflict. Het bestuur van het Concertgebouw negeert de protesten en gaat op de traditionele voet door. Amsterdam toont zich op het gebied van de klassieke muziek een conservatieve stad en mist het avantgarde klimaat van Parijs.

Evert Cornelis is tweede dirigent van het concertgebouw. Zijn kwaliteiten zijn onomstreden maar hij wordt meestal gepasseerd door Mengelberg die hem als een bedreiging ziet. Met het uitbreken van het conflict wordt hem verweten partij te kiezen voor de Franse Stijl aanhangers. Alhoewel Cornelis nadrukkelijk aangeeft juist géén partij te kiezen wordt hij door Mengelberg de laan uitgestuurd.

Utrecht de stad van de Avant Garde
Na wat omzwervingen en prestigieuze functies komt Evert Cornelis pas echt tot zijn recht als hij dirigent van het Utrechts Symphonie orkest wordt. Hij slaagt erin een podium te scheppen voor een verscheidenheid aan muziekstijlen en vernieuwing. Utrecht wordt voor de klassieke muziek  de stad van de Avant Garde.
Andere componisten vertrekken naar Parijs, het Mekka van de vernieuwing en de creativiteit. Ook Groningen is in die tijd moderner dan Amsterdam en geörienteerd op Parijs. Een componist als Daniel Ruyneman bijvoorbeeld maakt opzienbarende producties zoals Le boef sur le toit.
Strategier blijft op zijn post als organist, dirigent en muziekleraar. De kerk is een belangrijke broodheer en hij heeft veel opdrachtgevers. Onder andere via zijn contacten in de katholieke emancipatiebeweging en intellectuelen rondom het literaire tijdschrift De Gemeenschap.
Daarbij kent hij zijn verantwoordelijkheden als jonge vader en uit de bronnen blijkt dat hij sympathiek overkomt en goed weet te netwerken op lokaal en nationaal niveau.

Tweede Wereldoorlog
Als Strategier met zijn jonge gezin de oorlog in gaat zit hij niet bij de pakken neer en blijft naar vermogen aan het werk. Hij weigert zich aan te sluiten bij de Kultuurkamer, net zoals zijn vrienden uit de kerkmuziekschool Jan Mul en Albert de Klerk. Ze hebben geen mogelijkheid meer hun muziek te verspreiden en gaan in zee met de muziek-calligrafe Annie Bank en richten rond 1941 een clandestiene uitgeverij op.
De aanval op Arnhem in september 1944 dwingt Strategier met zijn jonge gezin de stad te verlaten. Terwijl zijn kerk aan de vlammen ten prooi valt vindt hij zijn toevlucht bij zijn vriend  en collega Jan Mul en komt vervolgens terecht bij de familie Wesseling Haarlem.

De deportatie van broer Jan naar concentratiekamp Neuengamme en zijn overlijden in het kamp vlak voor de bevrijding raken Strategier diep. Bij de arrestatie had broer Jan een spotgedicht van Herman over Seijsinquart in zijn zak. Onduidelijk is gebleven of dit de enige aanleiding voor de deportatie was. Strategier houdt aan het verlies van zijn broer een diepe hekel aan Duitsland over. Hij weet deze antipathie later in leven en werk moeilijk te verhullen. Strategiers vriend de dichter Jan Engelman schrijft voor het bidprentje van Jan een mooi gedicht . 

Kerkmuziek en de polarisatie in de kerken
Met zijn vrienden Jan Mul en Albert Klerk brengt Strategier vlak na de oorlog 3 banden van Ons Volkslied uit. Een verzameling en bewerking van Noord- en Zuid-Nederlandse liederen ter versterking van de Nederlandse cultuur en identiteit.
In 1949 wordt hij  docent muziektheorie aan de Rijksuniversiteit van Utrecht en organist van de kathedraal in dezelfde stad. Hij volgt Hendrik Andriessen op, die al vanaf 1934 aan de kerk is verbonden. Strategier zet de traditie van orgelimprivisaties van Andriessen op een eigen manier voort.
Gezaghebbend kunstcriticus Wouter Paap schrijft: "Zijn spel was minder gericht op een monumentale samenvatting van Andriessen. maar op een meditatieve weerspiegeling van de gedachten die worden overwogen. Hierin openbaarde zich een creatieve persoonlijkheid met een geheel eigen, ingekeerd maar waakzaam en diep medelevend karakter."

Strategier ontwikkelt zich tot een componist voor alle mensen. De variaties op een Sinterklaasliedje zijn daar een voorbeeld van. Variaties op "Daar wordt aan de deur geklopt" 1952. Gespeeld door David Mannesse.

De kerk dichter bij de mensen?
In het jaar 1965 brengt Het Tweede Vaticaans Concilie  grote veranderingen in de katholieke gemeenschap. Na jaren voorbereiding worden besluiten genomen die de kerk dichter bij de mensen moet brengen. Zoals de deelname van leken, mannen en vrouwen aan de liturgie. Of de invoering van de Nederlandse taal in de muziek en de liturgie waardoor het Latijn op de achtergrond komt. De oecumene ten slotte, het openstaan voor andere geloofsgemeenschappen en de vorming van 'samen op weg kerken', krijgt allle ruimte. De grote culturele verschillen worden 'overwonnen' alhoewel er in de strijd niet altijd ruimte is voor onderling respect. Ooit hoorde ik een bevlogen communistische dominee oprecht bezorgd de Mariaverering en spiritualiteit afwijzen omdat het de mensen 'dom' zou houden. 

Kortom, de polarisatie en verwarring zijn alom aanwezig en voelbaar in het leven van alledag van de families, de wijken, scholen verenigingen en ga zo maar door. De conservatieve katholieken die tegen de veranderingen waren werden nog conservatiever en orthodoxer en de progressieve katholieken verlieten de kerk of werkten sociaal en politiek geengageerd aan de nieuwe kerkorde. 

De spirituele Strategier was diep geschokt. Hij was mens onder de mensen en voor hem hoorden daar de traditie, de moderne latijnse missen en spiritualiteit bij. En hij staat niet alleen. Door de radicale veranderingen zijn vele mensen op hun ziel getrapt. Deze mensen gaan hun eigen, niet zo kerkelijke, middenweg. De rozenkransen en de mariabeelden en afbeeldingen krijgen hun plaats in de huiskamers, aan de muur, in nachtkastjes en tasjes. Zo is Maria gered van haar ondergang en van betekenis gebleven. Een wijze moeder die met compassie troost en steunt. Het is een universele menselijke behoefte , daar is niets mis mee. Integendeel!

Hieronder een filmpje van Don Camillo en de kleine wereld. Populair in veel katholieke gezinnen.

Strategier zegt het bij zijn afscheid in 1977 van het Instituut voor Muziekwetenschap van de Universiteit van Utrecht,  als volgt:
Ik heb overigens nooit de behoefte gevoeld om revolutionair te zijn , noch in mijn gewone doen noch als componist. Wat is het ook eigenlijk revolutionair te zijn? Mijns inziens is revolutie, vooruitgang, per definitie alleen mogelijk op basis van traditie.

Muziek bij gedichten
De muziek bij een gedicht uit de middeleeuwen van Anthonis de Roovere laat horen wat voor een prachtige muziek Strategier bij een bijzonder gedicht maakt. De Roovere waarschuwt iedereen zonder onderscheid voor de dood in Van der Mollenfeeste. We verdwijnen allemaal met de mollen onder de grond. Het is een leergedicht 80/81  Luister!

Wanneer de bode komt, dan is 't afgelopen. Hoe jong, hoe knap, hoe vroom,
hoe wijs jullie ook zijn, als de Hoogste het gebiedt, dan moeten jullie optrekken naar het land van mollengijs.

Conservatorium Kamerkoor Enschede. Vokal Ensemble Herz Jesu
Orkest Kourion-Orchester Münster .Dirigent: Bernhard van Almsick. 
Duur: ruim 15 minuten . Voor een impressie de eerste 5 minutenen 

Grensganger tussen de kleine en grote wereld
De muzikant Strategier *1912 is geworteld in de kleine katholieke leefwereld van de parochies, scholen en verenigingen.Tegelijker tijd verkeert hij in de 'grote' wereld van de conservatoria, de concerten en de muziekwetenschap. Hij wordt gezien in beide werelden en vindt beide belangrijk. In de polarisatie en de Koude Oorlog kiest hij niet voor de ene of andere kant maar voor  muziek van goede kwaliteit.

Strategier buigt mee met de tijd en is grensganger tussen de verschillende werelden. Zijn kwaliteit en verdiensten worden in de verschillende bronnen geprezen. Het is daarom opmerkelijk dat hij niet in het register staat van het lijvige Een muziekgeschiedenis der Nederlanden terwijl de hoofdredacteur Professor Grijp Strategier moet kennen. M.van Ooyen, biografe van Strategier, bedankt haar afstudeerdocent Grijp immers voor zijn informatie en begeleiding. 
Een ander voorbeeld is het Hexagon Ensemble dat Strategier heeft opgenomen in hun reportoire van onbekende componisten. 
Het lijkt me hoog tijd om te onderzoeken of hier sprake is van een uitsluitingsproces  en welke factoren een rol spelen. Om vervolgens te bekijken of Strategier opgenomen kan worden in ons muzikaal erfgoed en daarmee recht wordt gedaan aan de waarde van zijn muziek.